Terug naar nieuws

Dat wat we nog niet wisten over het herkennen van kindermisbruik

Geplaatst op 03 okt 2018

Onlangs verscheen in het Algemeen Dagblad een artikel over het herkennen van kindermisbruik. De nieuwe inzichten die in dit artikel gedeeld werden, zijn verkregen uit onderzoek rondom de Amsterdamse zedenzaak Robert M. Naar voren is gekomen dat signalen van kindermisbruik moeilijker te herkennen zijn dan we veelal denken. Om kinderen die slachtoffer zijn van seksueel misbruik snel de juiste hulp te kunnen bieden, is het tijdig herkennen van de subtiele signalen van groot belang.

Herkennen van kindermisbruik: de meer opvallende signalen

In het artikel ‘Hoe herken je kindermisbruik’, hebben we een aantal signalen beschreven waaraan kindermisbruik herkend zou kunnen worden. Zo kan een vermoeden van kindermisbruik ontstaan doordat een kind angst heeft om zich uit te kleden, op zijn rug te liggen, of plotseling bang is voor aanraking. Dit zijn allemaal vrij opvallende signalen die inderdaad aanwijzing zouden kunnen zijn dat sprake is van seksueel misbruik. Echter, recent onderzoek wijst uit dat in veel gevallen de signalen subtieler en minder makkelijk te herkennen zijn.

Waarom zijn de signalen van kindermisbruik moeilijk te herkennen?

Doordat kinderen zich nog beperkt in woorden kunnen uiten en schaamte en schuldgevoel vaak een rol spelen, is kindermisbruik heel moeilijk te herkennen. Uit het onderzoek rondom de zedenzaak Robert M. waarbij zo’n 130 kinderen seksueel misbruikt zijn door dezelfde dader, bleek dat bij veel kinderen niets afwijkends uit het lichamelijk onderzoek kwam. Voor de ouders was ten tijde van het misbruik ook geen afwijkend gedrag te herkennen.

In zichzelf gekeerd, zich afwenden, angstig of veel seksuele kennis

Toch liet een deel van de onderzochte kinderen tijdens het onderzoek aan de geslachtsdelen opvallend gedrag zien. Een derde van de misbruikte kinderen keert erg in zichzelf op het moment dat de arts het onderbroekje uitdoet om onderzoek te kunnen doen. Sommige kinderen doken met hun hoofd in een knuffel en wendden zich af, terwijl andere kinderen angstig of afwerend werden. Een ander signaal dat zich buiten het onderzoek aan de geslachtsdelen afspeelt, is de seksuele kennis die hele jonge kinderen hebben. ‘’Als je een niet-misbruikt kind vraagt naar de functie van een piemel of een vagina, zeggen ze doorgaans: ‘Dat is om mee te plassen.’ Terwijl een misbruikt kind opeens kan vertellen dat een piemel ook heel groot kan worden”, aldus onderzoekster Bosschaart in een interview met AD.

Meer onderzoek nodig over het herkennen van kindermisbruik

Dat de signalen van kindermisbruik moeilijk te herkennen zijn staat vast. Nog altijd is meer onderzoek nodig naar het kunnen herkennen van de subtiele tekenen. Het AMC doet nu onderzoek naar een methode waarbij, op basis van een boek met tekeningen, vragen worden gesteld aan kinderen als: ‘waar is je mond voor?’’, ‘’waar zijn je handen voor?’’. Op basis van het gedrag en de antwoorden van kinderen kunnen (mogelijk) meer signalen worden geïdentificeerd (bron: AD).